2-7-08

KLAAI: door Nieuwsblad van het Noorden en site Woest en Ledig:

De zuigende werking van Groninger klei

De ontvolking van het platteland is onstuitbaar – ook in een klein land als Nederland. In de stad zijn de banen en voorzieningen, het postkantoor en de kledingwinkel, daar vind je gelijkgestemden, daar zitten mensen die besluiten nemen en het geld verdelen, daar kom je ook thuis als de buschauffeurs staken.

Maar zelfs zij die aanvankelijk monter en opgewekt ‘de provincie’ hebben verlaten – weg van de burgerlijkheid en bekrompenheid, vooral wég – worden vroeg of laat nieuwsgierig naar wat ze hebben achtergelaten, om soms te ontdekken dat ze ontheemd zijn. De stad is vol toekomstige kansen en beloften, maar zonder verleden heeft het geen betekenis.

Lammert Voos (Eenrum, 1962) gaat in zijn eerste dichtbundel, Klaai, op zoek naar zijn oorsprong en keert daarvoor terug naar het Noord-Nederland van zijn jeugd. Het motto van zijn aangenaam toegankelijke debuut is ontleend aan The Waste Land van T.S. Eliot, een gedicht waarin de moderne stad overigens wordt afgeschilderd als een plek waar je je maar beter verre van kunt houden.

Het openingsgedicht, Fersoepn’, is in een persoonlijke streektaalvariant opgesteld. Daarna volgen gedichten met titels als Mijn hooge land, Waar ik geboren ben, Noord en een reeks naar vogels genoemde gedichten. Kortom, hier is iemand aan het woord die het platteland een warm hart toedraagt.

Aanvankelijk roept Voos een wat clichématig beeld op:

hier steekt men trots
de kin tegen de wind in
of verdrinkt men in zeeën van jenever

Daar staat tegenover dat hij waakt voor de romantische knieval. Niet alles was vroeger mooi, aardig en idyllisch. In het titelgedicht Klaai:

loze gedachten dwalen
terug naar andere tijden
grootvaders gezicht kan
ik me niet herinneren
wel zijn gerochel
en zijn blikje vol slijm

Het wordt interessant als Voos zijn stervende vader ten tonele roept. Na een aantal liefdevolle, maar misschien iets te particuliere gedichten (‘toen de kaarten waren geschreven/ het testament geregeld/ en de as was verstrooid/ zat er een gat in mij’) volgt een zeer sterke reeks waarin de ikfiguur zich probeert ter herpakken. Keerpunt is Onbewogen:

De televisie staart met
achteloze beelden licht
schijnend op mijn onbewogen gezicht.

Met ogen dicht daal ik af
en bij het zwakke flikkeren van
een duister licht aanschouw ik
het trage deinen van mijn ziel.

Klaai is een bundel over het belang van wortels en de noodzaak om los te komen van het verleden. Uit Het beeld, het voorlaatste gedicht:

Geluk?
Is dat die trilling in
je onderbuik als je klaarkomt?
De weg is geplaveid met teleurstelling
en ik weet het heel zeker
ik hoor hier niet thuis.

Maar Klaai is vooral een bundel over identiteit en hoe die gevonden kan worden door terug te keren naar de plek van herkomst. Een goed begin.

Boek: Klaai. Auteur: Lammert Voos. Uitgever: De Contrabas. Prijs: €12,50 (48 blz.)